Warande (steenovens)

Warande (steenovens)

In de zestiende eeuw stonden in de omgeving van de Warande steenovens. Deze steenovens moesten volgens afspraken jaarlijks grote aantallen bakstenen leveren. Uit rekeningen van de rentmeester van de Heer van Helmond uit 1589 blijkt dat het recht om stenen te bakken bij opbod gegund werd. Dat hier steenovens stonden is niet verwonderlijk. De bodem in dit gebied, tussen de hoger gelegen aloude Aarle-Rixtelse weg en de Goorloop, bestaat uit een dik pakket blauwgrijze Brabantse Leem (afb). Enkele ondiepe plassen in de warande zijn vermoedelijk kuilen waar leem is uitgegraven.

De leem is hier enkele tienduizenden jaren geleden, gedurende de ijstijden, afgezet door smeltwaterstromen en wind. De leem werd uitgegraven en na opgeslagen en bewerkt te zijn werd de geknede leemmassa in een houten raamwerk ter grootte van een baksteen uitgedrukt. De in wind en weer gedroogde leemblokken werden vervolgens in een veldoven gestapeld en gebakken. Na het bakken was vaak een deel van de bakstenen onbruikbaar, deze waren vervormd of gesmolten tijdens het bakproces. Onbruikbare en gebroken bakstenen en misbaksels met een verglaasd (gesmoord) oppervlak werden op een grote berg weggeworpen. Deze berg kennen wij als de ?128;˜Beukenberg?128;™ in de Warande, nabij de tennisvelden. Deze berg is opgebouwd uit brokken van misbaksels.